Ghost of Tsushima

Review
Tim Miechels op 14 juli 2020
Ghost of Tsushima

Tussen eergevoel en overleven

“Moet je eens kijken wat een schitterend veld!” Tijdens mijn tochten door Tsushima was er iedere vijf minuten wel een uitzicht dat schreeuwde om een fotomoment. Mijn vriendin kan inmiddels geen wapperende graanvelden, epische vergezichten of pittoreske bergdorpjes meer zien. Toch konden de mooie uitzichten haar beter bekoren dan het eindeloze spoor in mootjes gehakte Mongolen dat ik tijdens mijn reis achterliet.

Ghost of Tsushima is onmiskenbaar een prachtige game. Dat bleek al uit de eerste gameplaybeelden die we zagen van de game van Suckerpunch tijdens de E3 van 2018 en zoals uit de intro wel blijkt: dat is in de volledige game niet anders. Nu kom je met een mooi uiterlijk een heel eind, maar zoals het spreekwoord luidt: van een mooi bord kun je niet eten. Is Ghost of Tsushima meer dan mooie graphics of blijft het een oppervlakkige ervaring?

Ongezellige Mongolen

Ghost of Tsushima neemt je mee naar de historische setting van het Japanse eiland Tsushima in de 13e eeuw. Hoewel Tsushima prachtig is – ik kan het niet genoeg zeggen – is het er allesbehalve gezellig. De Mongolen zijn namelijk met een flinke vloot aangekomen en zien Tsushima als de eerste stap van de volledige verovering van Japan. Het is aan de samoerai op Tsushima om hier een stokje voor te steken.

Als speler kruip je in de huid van de jonge samoerai Jin Sakai en de proloog van de game stort je vrijwel direct in de actie. Een cutscene van de Mongoolse vloot die landt op Tsushima gaat naadloos over in gameplay en voor je het weet storm je te paard op het Mongoolse leger af, met aan alle kanten samoeraikrijgers en de pijlen die je om de oren vliegen. De grafische pracht van momenten als deze zorgden ervoor dat ik tijdens de proloog meermaals met open mond heb zitten gamen.

Om de stijl van de game naar je eigen voorkeur aan te passen, kun je een aantal audiovisuele keuzes maken. Zo kun je er voor kiezen om de game volledig in zwart-wit te spelen, in de stijl van filmklassiekers als Seven Samurai. Daarnaast kun je kiezen voor Engelse of Japanse dialogen. Ik heb zelf het grootste deel van de game gespeeld met Japanse dialogen, voor authenticiteit, en in kleur, voor de grafische pracht en praal.

Red je eer of red je leven

Helaas voor de samoerai verloopt de verdediging van Tsushima niet geheel volgens plan. De meedogenloze Mongoolse generaal Khotun Khan gebruikt smerige tactieken waarmee hij misbruik maakt van het eergevoel van de samoerai. Het resultaat: het grootste deel van de samoerai-krijgsmacht is verslagen en de leider van de krijgsmacht, tevens de oom en mentor van Jin, heer Shimura, is gevangengenomen door Khotun Khan.

Jin Sakai overleeft de gebeurtenissen dankzij Yuna, een vrouwelijke krijger die zichzelf vooral door het nodige sluipwerk in leven weet te houden. Wanneer hij weer wat bij zinnen is, wordt Jin hierdoor direct met een dilemma geconfronteerd. De lessen van zijn oom Shimura vertellen hem dat een echte samoerai zijn vijand altijd recht in de ogen kijkt en nooit van slinkse tactieken gebruik maakt. Maar is deze wijsheid nog wel te hanteren in de situatie waarin hij is beland?

Yuna confronteert Jin met de keiharde realiteit van de invasie. Het hele eiland is ingenomen door de Mongolen, wat vraagt om aanpassingsvermogen en nieuwe tactieken. Jin wint het in een open gevecht niet in zijn eentje van het hele Mongoolse leger. Om het eiland terug te veroveren en zijn oom te bevrijden, is het van levensbelang om vanuit de schaduw te kunnen opereren. Maar wat zal Shimura denken van deze achterbakse tactieken?

[image_with_animation image_url=”30754″ alignment=”” animation=”Fade In” border_radius=”none” box_shadow=”none” max_width=”100%”]

Door net voor een fort van je paard af te springen en vol bravoure om de sterkste krijger te roepen om deze in een showdown te verslaan, voel je je een echte samoerai.

Een eiland vol verhalen

Na de lineaire proloog gaat de wereld van Ghost of Tsushima voor je open. Naarmate je het eiland ontdekt, vult de kaart zich met iconen die activiteiten aangeven. De belangrijkste daarvan zijn de gouden iconen, die de missies aangeven die vallen onder ‘Jin’s Journey’, het hoofdverhaal. Daarnaast zijn er zogeheten ‘Tales’, kleinere missies, waarvan sommige doorlopend zijn omdat ze verbonden zijn aan de personages die je vergezellen op je avontuur. Tot slot zijn er de ‘Mythic Tales’, verhalen van dichters die aanwijzingen geven over waar je speciale gear kunt vinden.

Wat opvalt aan deze missies is de aandacht die Sucker Punch heeft besteed aan de verhalen. Ook de verhalen van de kleinere zijmissies zijn bijna altijd op interessante wijze verbonden met het hoofdverhaal van de Mongoolse invasie en de bevrijding van Tsushima. Zo kreeg ik op een zeker moment een sidequest die nogal standaard leek, die me vroeg om een groep bandieten die stal uit een dorp op te sporen. Toen ik deze groep op het spoor kwam, bleek al snel dat zij roofden om spullen uit de handen van het Mongoolse leger te houden. De invasie had ze een andere kijk op het leven gegeven en na een kort gesprek sloten ze zich aan bij de groeiende groep rondom Jin.

[image_with_animation image_url=”30756″ alignment=”center” animation=”Fade In” border_radius=”none” box_shadow=”none” max_width=”100%”]

Sluipen of hakken?

Zeker niet alle activiteiten in Ghost of Tsushima zijn op deze vredige manier op te lossen. Integendeel, je zult vrijwel altijd moet knokken. Hierbij moet je als speler constant de afweging maken tussen de lessen van Yuna en die van Shimura. Met andere woorden: ga je voor de directe aanpak, of opereer je vanuit de schaduwen en schakel je je vijanden één voor één uit?

Wanneer je bijvoorbeeld een Mongoolse nederzetting wilt veroveren, kun je dit op een aantal manieren doen. Je kunt naar binnen proberen te sluipen en de Mongolen met stealth aanvallen om ze om het leven te brengen. Je kunt een nabijliggende heuvel beklimmen en de mongolen bestoken met pijlen, of je kunt naar de poort van het fort lopen en de sterkste krijger uitdagen tot een duel, waarna je de rest van de krijgsmacht ook in een open gevecht moet verslaan.

Beide aanpakken voelen op hun eigen manier heerlijk. Door net voor een fort van je paard af te springen en vol bravoure om de sterkste krijger te roepen om deze in een showdown te verslaan, voel je je een echte samoerai. Wanneer je in een vijandelijk kamp van dak naar dak springt en je tegenstanders met werpmessen, pijl en boog en sneakattacks om het leven brengt, voel je je echt de Ghost of Tsushima.

[image_with_animation image_url=”30759″ alignment=”” animation=”Fade In” border_radius=”none” box_shadow=”none” max_width=”100%”]

Jin wint het in een open gevecht niet in zijn eentje van het hele Mongoolse leger. Om het eiland terug te veroveren en zijn oom te bevrijden, is het van levensbelang om vanuit de schaduw te kunnen opereren.

Rookbommen en vechtstijlen

De directe aanpak wordt steeds makkelijker naarmate de game vordert. In het begin van de game ben je nog zo zwak dat je gegarandeerd het loodje legt in directe combat, waardoor je haast wel je toevlucht tot stealth moet nemen. Dankzij wat lichte RPG-mechanics krijg je in de game steeds meer mogelijkheden om je mannetje te staan.

Zo krijg je verschillende bommen tot je beschikking waarmee je groepen vijanden kunt stunnen, een enkele vijand op kan blazen, of jezelf door een rookwolk aan het zicht kunt onttrekken. Bovendien leer je steeds nieuwe vechtstijlen die goed zijn tegen een specifiek soort vijanden. Dat laatste zit hem vooral in stagger damage: als de stagger-meter van je vijand vol is, is hij kwetsbaar voor je aanvallen. Zo is de waterstijl goed tegen vijanden die schilden dragen, wat betekent dat je zware aanvallen in deze stijl de stagger-meter van de schilddragende vijand snel vol laten lopen.

Deze ontwikkeling betekent zeker niet dat de game je dwingt om een steeds directere aanpak te hanteren naarmate je verder komt . Je kunt er namelijk ook voor kiezen om vooral je sluipvaardigheden te ontplooien en bijvoorbeeld te investeren in een serie-sneak attack, waarmee je maximaal drie vijanden in één goed geplaatste aanval om het leven brengt.

[image_with_animation image_url=”30758″ alignment=”” animation=”Fade In” border_radius=”none” box_shadow=”none” max_width=”100%”]

Een bekende open wereld met een heerlijk samoeraisausje

Hoewel Ghost of Tushima prachtig is en bijna alle systemen goed werken, is er een ding dat na een tijdje begint op te vallen: je doet in Ghost of Tsushima weinig dat je niet al ooit in een andere open world-game gedaan hebt. Of het nu gaat om torens beklimmen, vijandelijke kampen uitschakelen of artefacten zoeken: voor mensen die bekend zijn met games als Assassin’s Creed en Horizon Zero Dawn bevat Ghost of Tsushima qua gameplay weinig verrassingen.

De vraag is of dat erg is. Toegegeven, Ghost of Tsushima wijkt weinig af van de populaire open wereld-formule, maar de game vult die formule in met zulke prachtige omgevingen, heerlijke combat en interessante verhalen en overgiet dit geheel ook nog eens met zo’n lekker samoeraisausje, dat ik voorlopig nog niet weg ben uit Tsushima.

{!{wpv-view name=’review-blok’}!}

Geschreven door:

[wpv-noautop]
{!{wpv-view name=’auteurs-onderaan-post’}!}
[/wpv-noautop]

Deel dit artikel