Wat veranderde er in twee decennia film?

Cinema digital

Wat veranderde er in twee decennia film?

Hollywood in ontwikkeling

Naar de bioscoop gaan als ontspanning of een knusse date worden nog steeds regelmatig door veel mensen gedaan. Sommigen hebben er hun hobby van gemaakt en gaan al jaren consequent naar de bioscoop, waaronder deze redacteur die deze hobby al meer dan twee decennia beoefent. Wat is er de afgelopen 20 jaar veranderd? Welke ontwikkelingen heeft Hollywood doorgemaakt? 

Grofweg een kwart van een mensenleven, dat maakt 20 jaar een best lange tijd en er is veel gebeurd. Vooral dankzij de technologie die grote stappen maakte: wie had ooit kunnen bedenken dat je naar het diepste punt op aarde kunt gaan voor filmbeelden, gebruikt in Avatar: The Way of Water? Of dat je in een pak kunt zitten met allemaal sensoren om zo de apen uit Rise of the Planet of the Apes tot leven te brengen?

Voor herhaling vatbaar?

Elk jaar of elke paar jaar komt er wel minstens een film uit waarvan mensen zeggen ‘Deze is zo uniek, die heeft de filmindustrie veranderd’ of ‘Deze film is er een uit duizenden, Hollywood overtreft zichzelf’. Fight Club uit 1993 is bijvoorbeeld een van die films, vooral dankzij het geweldige acteerwerk van hoofdrolspelers Edward Norton en Brad Pitt.

Naast al die unieke, baanbrekende of bijzonder mooie films zijn er vooral veel films met een herkenbaar plot of typische thema’s. Sommige formules werken gewoon, zoals die van de cliché romcom. Twee mensen ontmoeten elkaar, passen eigenlijk niet bij elkaar vanwege hun karakter of hun achtergrond, maar eindigen toch (vaak) samen. Niet per se de meest originele films qua onderwerp, maar wel voor herhaling vatbaar. Een goed einde is altijd een mooie afsluiter.

‘Niks van mij is origineel. Ik ben de gezamenlijke inspanning van iedereen die ik ooit gekend heb’.

Chuck Palahniuk
Wat veranderde er in twee decennia film?

Bovenstaande uitspraak komt van Chuck Palahniuk, een journalist die de toch vrij originele Fight Club heeft geschreven waar de film op gebaseerd is. Hij heeft wel een punt: soms lijkt het of Hollywood er vooral van houdt om zichzelf te herhalen. Vooral de laatste jaren zijn er erg veel sequels, prequels, reboots en remakes uitgekomen (en die trend is nog niet gestopt). Toch weerhoudt dit mensen niet om nog een keer naar de bios te gaan en een zo-goed-als-zelfde verhaal in een ander jasje te zien.

Elke generatie heeft weer haar eigen kijk op een verhaal en geeft daar een nieuwe draai aan. Sommige vervolgen/soft reboots daarentegen zijn een gevolg van nostalgie (Jurassic World). Toch is het fenomeen niet iets nieuws. The Fugitive uit 1993 met Harrison Ford (‘I didn’t kill my wife!’) en Tommy Lee Jones (‘I don’t care!’) is gebaseerd op de gelijknamige televisieserie uit 1947, War of the Worlds van H. G. Wells is wel zeven keer verfilmd (de eerste keer was in 1953) en ondertussen hebben we op het grote doek wel tien Batman-acteurs en vier Spiderman-acteurs gehad. Gelukkig is er maar een echte Wolverine.

Onherkenbaar in beeld

Een van de grotere ontwikkelingen is het vakgebied van de grimeur. Acteurs staan in principe altijd met hun hoofd op de poster en die bekende kop zie je ook in de film terug. Dankzij getalenteerde grimeurs kun je soms naar een performance kijken en je blijven afvragen wie die acteur is.

Een performance die ik nooit zal vergeten is de rol van Matthew McConaughey in Reign of Fire (2002). Geen supergrote film, maar wel met een pre-Batman Bale in de hoofdrol over een Engelse stad die belaagd wordt door niet-meer slapende draken (ja, je leest het goed). Ze overleven, maar de bewoners hebben het zwaar. Blaas de trompet maar, want hier komen de Amerikanen om te helpen onder leiding van McConaughey als trofeejager Van Zan. Een kale kop en een baard met snor die niks lijkt op die vriendelijke krullenbol uit A Time to Kill (1996) en Contact (1997). Daarnaast is hij rauw, hard en eigenlijk gewoon een klootzak. Heerlijk om naar te kijken hoe hij deze rol aanpakt.

Met name bijzonder is hoe de rol van de special make-up artist zich heeft ontwikkeld. Deze gaan een stap verder en maken gebruik van speciale effecten om een acteur te ‘veranderen’ dankzij gipsafdrukken of protheses bijvoorbeeld. Onherkenbare acteurs die met behulp van dit soort props een geweldige rol neerzetten zijn Karen Gillan als Nebula in de MCU, Charlize Theron als Aileen Wuornos in Monster (2003), Jared Leto als Paolo Gucci in House of Gucci (2021), Emma Thompson als Nanny McPhee in de gelijknamige film uit 2005 en onlangs nog in John Wick: Chapter 4 (2023), Chad Stahelski als maffiabaas Killa Harkan.

Wat is er veranderd?

Er zijn meerdere gimmicks voorbij gekomen om de film spannender te maken. Een die veel mensen wel kennen is het 3D-effect. Sommige films werden met speciale camera’s opgenomen, terwijl andere films pas bewerkt werden na de opnamen: een soort van 3D-filter.

Een bekend voorbeeld hiervan is Piranha 3D (2010). Hoewel de film zelf vrij goed werd ontvangen, liet Piranha zien dat het niet makkelijk is om het 3D effect toe te passen. Het zag er leuk uit, al die vraatzuchtige vissen door je beeld, maar je zag toch wel dat het vooral een leuk nieuw speeltje was in plaats van dat het meteen de filmervaring veranderde. Deze techniek is de laatste jaren wel steeds beter geworden.

Grote blockbusters maken tegenwoordig regelmatig gebruik van 3D-elementen, zoals in Avatar. De ronddwarrelende blaadjes en zaadjes in de film kun je bijna pakken. Het voegt echt wat toe aan de film zelf: je wordt veel meer het verhaal in gesleurd als het goed gedaan wordt en je voelt meer participant dan alleen toeschouwer. Helaas zijn er vooral films die laten zien hoe het juist niet moet zoals The Last Airbender (2010), het foute vervolg op Piranha 3D (Piranha 3DD uit 2012) en epos Clash of the Titans (2010).

Het zag er leuk uit, al die vraatzuchtige vissen in Piranha 3D, maar de techniek was hier vooral een leuk nieuw speeltje.

Wat veranderde er in twee decennia film?

Alles groter: film in IMAX

IMAX in Hollywood heeft een vergelijkbare trend ondergaan. Oorspronkelijk werd het gebruikt voor documentaires voor musea en wetenschapscentra, omdat het financieel en logistiek moeilijk was om beeldmateriaal te vertonen dat langer was dan 40 minuten. Daarnaast vroeg het ook nogal wat techniek om dit voor elkaar te krijgen. Disney was de eerste die met Fantasia 2000 een lange film vertoonde in de bioscoop die volledig in het format van IMAX was. De film zelf werd lauw ontvangen, maar het gebruik van IMAX vond men wel een aanwinst. Hierna kwamen enkele pogingen van heruitgaven zoals Treasure Planet, maar die werden niet goed ontvangen.

Het duurde een paar jaar, maar dankzij een nieuwe techniek genaamd DMR (Digital Media Remastering) begon IMAX echt interessant te worden. Dankzij DMR konden films die niet in IMAX gefilmd waren, achteraf toch bewerkt worden tot een IMAX-film. Vooral de Harry Potter-filmserie haalde hiermee financiële successen.

Persoonlijk vind ik de IMAX-ervaring een ware bijdrage aan mijn avondje film. Daarnaast heb je ook de combinatie van IMAX en 3D in een. In mijn beleving is dat vooral een toegevoegde waarde bij episch opgezette films waar veel detail in de film zit. Ik noem opnieuw Avatar (tja, de film heeft toch echt impact gehad), maar juist bij grootschalige Star Wars-gevechten in de ruimte is dit de moeite waard of zoals bij de opening van Guardians of the Galaxy 2.

Stap voor stap

De logische volgende stap na 3D was de 4D verfilming. De eerste keer dat men dit echt toepaste was in 1984 in een korte film voor een amusementspark. Van 2002 tot 2019 kon je in de Efteling de 4D-film PandaDroom zien. In het begin was 4D op kleinschalige, humoristische wijze gedaan: de 4D-filmervaring was toen nog echt een gimmick, een grapje van Hollywood. Sinds een paar jaar wordt die grap wel serieus genomen. Grote bioscoopketens hebben hun eigen variant hierop met spannende namen als 4DX. Je zit dan in een zaal met speciale stoelen die heen en weer gaan bij achtervolgingsscènes, je hoofdkussen ‘geeft’ klappen bij gevechten of je krijgt waternevel in je gezicht gespoten als de weersomstandigheden het toelaten. Dat laatste effect kan trouwens uitgezet worden, mocht je niet van natte nacho’s houden (grapje, dat valt wel mee).

Grote films die in 4D werden uitgebracht zijn bijvoorbeeld 1917 en Oppenheimer. Voegt het gebruik van 4D wat toe? Ja. Is het voor iedereen? Absoluut niet. Je wordt daadwerkelijk heen en weer geschud en soms leidt dat af van de film zelf. Een klap in je nek, hoe licht ook, is ook niet altijd een pretje. Zo staan er ook waarschuwingen bij, het wordt in ieder geval afgeraden als je zwanger bent.

Een van de laatste ontwikkelingen in filmland is het gebruik van een verjongingstechniek. Zie het als een digitale facelift in combinatie met CGI. Dankzij deze techniek kunnen acteurs een jongere versie van zichzelf spelen. Enkele acteurs die er helaas niet beter uitzagen met deze techniek waren Jeff Bridges in Tron: Legacy (2010) en Johnny Depp in Pirates of the Caribbean: Dead Men Tell No Tales (2017). Gelukkig zijn er ook films waar het wel goed uitpakte, zoals bij Kurt Russell in Guardians of the Galaxy: Vol. 2 (2017) en Brad Pitt in The Curious Case of Benjamin Button (2008).

Welke richting gaan we nu op?

Nu de staking in Hollywood eindelijk voorbij is, kunnen we weer uitkijken naar veel nieuwe films en series. Al is de staking, met als heikel punt het gebruik van kunstmatige intelligentie, wel voorbij, dat wil niet zeggen dat het gesprek daarover voorbij is. Sommige grote studio’s zullen er binnenkort al meer gebruik van gaan maken, terwijl anderen eerst rustig uitzoeken of het de investering wel waard is.

Welke kant ze ook opgaan, Hollywood staat niet stil. Hopelijk komen er meer mooie ontwikkelingen aan die bijdragen aan een bioscoopervaring. Uiteindelijk draait het om de filmliefhebbers die graag naar hun favoriete acteurs op het witte doek kijken. Dus, op naar de volgende 20 jaar.

Geschreven door

Steve Hetem

Redacteur sinds december 2020. Steve schrijft het liefst in dichtvorm, maar hij blijkt dus alles van film te weten als je hem in longform laat schrijven.